Het verschil tussen de twee is namelijk best groot en de twee zusjes worden dan ook voor verschillende recepten gebruikt. Pastasciutta is de eigenlijke benaming voor hoe wij pasta in Nederland graag eten; ruim in de saus. Verse pasta wordt in Italie vaak geserveerd met slechts een klein beetje “dressing”, zoals een pesto of soms zelfs alleen met wat parmezaanse kaas. Gevulde pasta (bijvoorbeeld ravioli) en lasagne zijn ook meestal lekkerder van verse pastavellen.
Italianen vinden trouwens ook de verschillende vormpjes van pastasciutta zeer belangrijk. Ragu eet je bijvoorbeeld met brede pappardelle of tagliatelle zodat de saus goed kan hechten en je niet een bord saus overhoudt aan het einde van de maaltijd. Amatriciana moet met bucatini, zalmsaus hoort bij penne, etc. Een goed kookboek herken je dus aan tips met welke pasta je een bepaald recept kan eten. Vers of droog? Welk vormpje? “Ik heb zin in pasta” is vanaf nu dus niet meer genoeg informatie voor de Italiaanse hobbykok!